Cameratoezicht op bedrijventerreinen wordt steeds vaker overwogen om eigendommen te beschermen en de veiligheid van personeel en bezoekers te waarborgen. Voordat er daadwerkelijk camera’s worden geplaatst, is het essentieel om de wettelijke kaders, zoals de Algemene verordening gegevensbescherming (AVG) en de Uitvoeringswet Algemene verordening gegevensbescherming (UAVG), zorgvuldig te bestuderen.
Op veel bedrijventerreinen vinden regelmatig criminele incidenten plaats, zoals diefstal, vernieling of agressief gedrag tegenover personeel. Cameratoezicht kan in dergelijke situaties helpen om de beveiliging te verbeteren en incidenten te voorkomen. Echter, om aan de AVG te voldoen, moet cameratoezicht aan strikte voorwaarden voldoen, waaronder de aanwezigheid van een geldige grondslag voor de verwerking van persoonsgegevens.
De AVG vereist dat elk gebruik van cameratoezicht is gebaseerd op een wettelijke grondslag. In de context van bedrijventerreinen is het beschermen van eigendommen en het waarborgen van de veiligheid van werknemers een legitiem belang dat als gerechtvaardigde grondslag kan dienen. Dit gerechtvaardigde belang moet echter goed onderbouwd worden, bijvoorbeeld door eerdere incidenten of risico’s te documenteren.
Naast de wettelijke grondslag moeten de beginselen van subsidiariteit en proportionaliteit in acht worden genomen bij het invoeren van cameratoezicht:
Volgens de AVG is het uitvoeren van een Data Protection Impact Assessment (DPIA) verplicht wanneer er sprake is van een hoog risico voor de rechten en vrijheden van betrokkenen. Dit is vaak het geval bij cameratoezicht, vooral als er ook werknemers in beeld kunnen komen. Een DPIA helpt bij het identificeren van risico’s en het opstellen van maatregelen om deze risico’s te beperken.
Als de camera’s ook personeelsleden kunnen filmen en u een ondernemingsraad heeft, moet de ondernemingsraad (OR) instemming verlenen voor de invoering van het cameratoezicht. Camerabewaking kan namelijk als een personeelsvolgsysteem worden beschouwd, ook al is dat niet het beoogde doel. Zonder instemming van de OR is het niet toegestaan om cameratoezicht in te voeren, tenzij de kantonrechter hiervoor toestemming geeft.
Bij de implementatie van cameratoezicht op een bedrijventerrein zijn er enkele belangrijke praktische overwegingen om in acht te nemen:
Cameratoezicht op bedrijventerreinen kan een effectief middel zijn om eigendommen en personeel te beschermen, mits het op een zorgvuldige manier wordt ingevoerd. Het is essentieel dat het cameratoezicht voldoet aan de wettelijke eisen van de AVG en UAVG, en dat het gebruik ervan proportioneel en noodzakelijk is. Daarnaast moet er vooraf een DPIA worden uitgevoerd en dient de instemming van de ondernemingsraad te worden verkregen wanneer werknemers in beeld komen. Door cameratoezicht op specifieke risicomomenten in te zetten en zorgvuldig te plannen, kan de beveiliging op een bedrijventerrein worden verbeterd zonder onnodig inbreuk te maken op de privacy van werknemers en bezoekers.
Bent u van plan om cameratoezicht in te zetten, maar loopt u vast in de juridische fase en de uitvoering ervan? Neem dan contact met ons op! Dan kijken we geheel vrijblijvend samen naar een oplossing.